Matisse, Cut-outs (Francais)
Omschrijving
'Schilderen met een schaar' noemde Henri Matisse zijn knipsels. Deze schitterende uitbarstingen van kleur en vorm, gemaakt tegen het einde van zijn leven, toen de kunstenaar aan een rolstoel gekluisterd was, verrukken tot op de dag van vandaag als vreugdevolle vieringen van het leven, de natuur en grenzeloze creativiteit. Henri Matisse (1869-1954) was een vechter. Ondanks een kankerdiagnose in 1941, toenemende broosheid en de beperkingen van een rolstoel hield de onverzettelijke Fransman nooit op met zijn streven om kunst te maken. Met wat hij une seconde vie noemde, een tweede leven, begon hij aan een opmerkelijke collageperiode, waarin hij stukken gekleurd papier knipte en plakte tot gouaches decoupees van vogels, planten, bloemen en de vrouwelijke gedaante. Door de nadruk op kleur en contrast leverde de kniptechniek zowel treffende lijnen als levendige tegenstellingen op. In werken als Icarus (1943), Blauw naakt (1952), De slak (1953) en De schoof (1953) geven zuivere vormen en elementaire structuren kracht aan een compositorische spanning die de decoratieve aantrekkingskracht van het werk logenstraft, tegelijk strak georganiseerd en aanstekelijk van levensvreugde. Naarmate zijn werk vorderde, voedde Matisse' opwinding over zijn resultaten steeds grotere stukken, van kleine werken tot uitgestrekte muurschilderingen. Terwijl zijn laatste jaren naderden, zwelgde Matisse in de eenvoud en schittering van deze werken, en verklaarde hij: 'Alleen wat ik na de ziekte gemaakt heb, vormt mijn ware zelf: vrij, bevrijd...' In dit onmisbare inleidende boek keren we terug naar dit vreugdevolle laatste hoofdstuk van Matisse' lange en overvloedige loopbaan, en onderzoeken we hoe de knipsels de vele jaren samenvatten waarin de kunstenaar de mogelijkheden van compositie, vorm en kleur verkende.
